submenu

Claudia Boschin - 17/05/2020

Fiskefrikadeller uit Denemarken

Claudia Boschin bracht haar jeugd door in het noorden van Italië, in het dorpje Sequals. De liefde deed haar naar België verhuizen. ‘Mijn man is van Italiaanse afkomst, maar hij groeide op in België. Hij had een vakantiehuis in het Italiaanse dorp waar ik woonde. Zo leerden we elkaar kennen.’

Claudia’s familie aan moederskant is afkomstig uit Denemarken. ‘Daar bracht ik quasi al mijn school­vakanties door. Als ik destijds mijn man niet had ontmoet, had ik nu allicht in Kopenhagen gewoond.’

Intussen is het gezin gesetteld in België en hebben ze twee kinderen. ‘Ik ben nu zeven jaar in België. Toen ik hier aankwam, ging ik meteen op zoek naar werk. Hoewel ik vlot Italiaans, Deens en Engels sprak, besefte ik al snel dat ik ook Frans en Nederlands nodig zou hebben. België mag dan een klein landje zijn, ik had me vooraf niet gerealiseerd dat het op taalgebied zo ingewikkeld was. Eerst heb ik Frans geleerd, omdat die taal nauwer aansluit bij het Italiaans. Later leerde ik Nederlands aan de GLTT. Mijn echtgenoot is vlot tweetalig en onze oudste zoon gaat naar een Nederlands­talige school. De jongste dochter zit in een crèche in Eigenbrakel, in de buurt van waar we vroeger woonden.’

‘Ik hou heel erg van koken. Ik maak vaker Italiaanse dan Deense gerechten klaar, allicht omdat ik in Italië ben opgegroeid. Bovendien zijn de Deense specialiteiten vaak koude gerechten. Zeker ’s middags wordt er zelden een warme maaltijd gegeten, in tegenstelling tot de overvloed aan heerlijke pastagerechten die in Italië op het menu staan. Ik heb mijn vader verloren toen ik amper dertien jaar was. Gelukkig bewaar ik mooie herinneringen aan hem in de keuken. Hij kookte graag en was fan van de rijke Italiaanse keuken met lekkere sauzen.’

‘Ik kook graag met de kinderen. Als ik verse pizza klaarmaak, is onze zoon Tristan de eerste om te helpen. Ik vind het ook belangrijk dat ze alles proeven. Het recept voor Deense visballetjes is de perfecte manier om kinderen vis te leren eten. In Denemarken worden ze op verschillende manieren gegeten. Vaak worden ze geserveerd met beboterd roggebrood voor een traditionele Deense lunch, ook wel bekend als smrrebrd. Er komt dan doorgaans een remouladesaus bij. Thuis maak ik de visballetjes meestal klaar met aardappelen.’

‘In de Belgische keuken ben ik een enorme fan van kaas- en garnaalkroketten. Ook de combinatie van mosselen met frieten vind ik heerlijk. In Italië worden ook mosselen gegeten, maar dan vooral met pasta of op zichzelf. Het is grappig dat elk land zijn eigen draai geeft aan bepaalde gerechten en ingrediënten.’

Je vindt het recept op www.deboesdaalhoeve.be/nl/recepten.

Tekst: Heidi Wauters
Foto: Tine De Wilde
Uit: Buurten mei 2020