submenu

Boserf - 20/09/2021

Rustige driehoek tussen steenweg en kerkhof

De wijk Boserf ligt aan de kruising van twee van de drukke verkeersaders die Sint-Genesius-Rode doorkruisen. Ondanks de centrale ligging in de oksel van de Zoniënwoudlaan en de Eigenbrakelsesteenweg is het er toch rustig wonen, in een verrassend groene omgeving.

Het Boserf is een van de meest recente wijken van Sint-Genesius-Rode. Hoewel de wijk vlak bij de dorpskernen van Alsemberg en Rode ligt, viel er tot in de late jaren 70 maar weinig te bespeuren, en al zeker geen bebouwing. Dat wil niet zeggen dat er nooit iemand kwam. Integendeel. De Holleweg en de Bosstraat lopen er al eeuwen, tussen de velden. Het was de verbinding tussen de dorpskern van Rode en de priorij van Zevenbronnen in het Zoniënwoud, tot de priorij in het laatste kwart van de 18e eeuw werd afgebroken.

Wandelen in het groen

De Holleweg is een tegenwoordig zeldzaam relict van wat vroeger kenmerkend was voor Sint-Genesius-Rode. Ooit waren er in de gemeente tientallen holle wegen. Dat zijn paden waar de weg in het landschap is ingesleten door de vele passanten die er te voet, of eventueel met paard en kar, door de velden trokken. Vaak ging het om veldwegen. Soms werden ze na verloop van tijd van kasseien voorzien. Na de Tweede Wereldoorlog zijn de meeste van die holle wegen verdwenen, maar gelukkig betekende de komst van een verkaveling langs het kerkhof niet het einde van de Holleweg. Hier werd de omzoming met de bomen, de kasseien en de overbegroeiing van de bermen bewaard. Dus kan je er ook vandaag nog tussen de groene bermen wandelen Je vindt er niet alleen fauna en flora in de bermen, maar ook wat cultureel erfgoed. Aan de kruising met de Hangeikweg staat een kapel verdoken in het struikgewas. Het kleine kapelletje, met witgekalkte muren en lichtblauwe nis, is anderhalve eeuw oud. Allicht maakte de kapel deel uit van een oude processieweg die langs de Lindestraat liep. Ook aan het begin van de Holleweg, aan de kruising met de Bosstraat en de Fonteinstraat, staat een mooie kapel, al is die wel recenter.

Aan een uitloper van de Fonteinstraat ligt de ingang van het gemeentelijke kerkhof. Tot in de jaren 80 van de 19e eeuw lag het kerkhof zoals in de meeste gemeenten rond de kerk, maar die ruimte in het dorpscentrum werd te klein. Langs de Holleweg kwam een nieuwe begraafplaats, die later in zuidelijke richting werd uitgebreid. Dat kerkhof wordt nu heringericht tot een parkbegraafplaats met een meer toegankelijk karakter. De bedoeling is dat je er niet enkel komt om het graf van een dierbare te bezoeken, maar dat je in de groene oase ook tot rust kan komen. Aan de achterzijde, aan de Hangeikweg, komt een extra ingang. Zo bereik je het Hangeikveld en de Kwadebeekvallei, waar je verder kunt wandelen in de ongerepte natuur.

Dorp van meubelmakers

Het huidige uitzicht van de wijk dateert van eind jaren 70. Toen werd het gebied verkaveld om er een sociale woonwijk te bouwen. In 1979 trokken de eerste bewoners in hun huis. Een kleine honderd woningen – van verschillende grootte en indeling, maar wel in dezelfde stijl – werden gebouwd. Twee nieuwe straten werden aangelegd. Die kregen de naam Bezembinderlaan en Spaanderboerlaan, en dat is geen toeval. Het is een mooie verwijzing naar de geschiedenis van Rode.

Tot diep in de 19e eeuw strekte het Zoniënwoud zich uit tot deze buurt. Door de grote voorraad (sprokkel)hout waren er in de middeleeuwen en de pre-industriële tijd veel Rodenaars die de kost verdienden met houtgerelateerde beroepen, zoals bezembinders of meubelmakers. Het verklaart waarom er veel schrijnwerkers en meubelmakers in de buurt gevestigd waren en zijn, met de naam Vastiau-Godeau als de bekendste. Wat ook opvallend is, is dat deze straatnamen niet vertaald zijn naar het Frans. De straten heten gewoon Avenue Bezembinder en Avenue Spaanderboer.

De huizen van het Boserf vormen een mooi, rustig eilandje in het midden van de gemeente. Winkels, scholen, sportinfrastructuur en andere voorzieningen zijn allemaal dichtbij, maar toch is er niet veel verkeer. Een ‘knip’ op het einde van de Bosstraat, richting Eigenbrakelsesteenweg, zorgt ervoor dat sluipverkeer het drukke kruispunt met de Zoniënwoudlaan niet kan ontlopen. Kinderen kunnen er op straat spelen of op de twee gemeentelijke speelpleintjes, al gaat het eerder om grasvelden dan om echte speeltuinen. In de tweede helft van de jaren 90 werd elk jaar een buurtfeest georganiseerd voor de bewoners van de wijk, maar na een handvol keren kwam er geen vervolg meer op het evenement.

De wijk langs het kerkhof vormt het grootste, maar niet het enige deel van de bebouwing in het Boserf. Ten zuiden van de wijk staan er ook huizen langs de Bosstraat. Waar de straat uitmondt in de Eigenbrakelsesteenweg staat het opmerkelijkste bouwwerk van de buurt. In 1937 werd hier, op de grens met Eigenbrakel, een café-restaurant gebouwd in art-decostijl. De afgeronde volumes die kenmerkend zijn voor de pakketbootstijl werden door de jaren heen goed bewaard, en zijn nog steeds opvallende elementen. Vandaag heet het etablissement Chez Eddy, maar velen kennen het wellicht nog als In de goede lucht. Het restaurant met typisch Belgische keuken werd bekroond door gastronomiegids Gault & Millau. Ook het interieur met de authentieke tegelvloer en toog is het bekijken waard. Een tip voor wie zich culinair wil laten verwennen.

 

Tekst: Wim Troch
Foto: © Tine De Wilde
Uit: buurten september 2021